Nieuwsoverzicht
 
« afbeelding 1 van 1 »
 
dinsdag 12 februari 2019

Plek plantaardige sector behouden en versterken

Jan Kottelenberg, burgemeester van Neder-Betuwe en sinds september 2018 speerpuntvoorzitter agribusiness van de Regio Rivierenland ziet agribusiness, gecombineerd met de speerpunten economie en logistiek en toerisme en recreatie als uniek kenmerk van de Regio Rivierenland. ‘We willen de tuinbouwsector behouden en ondersteunen én het gebied aantrekkelijk houden.’

 

‘Als voormalig melkveehouder en wethouder in Lochem heb ik voeling met het platteland. Dat was hier een van de redenen om speerpuntvoorzitter agribusiness te worden. In deze regio heb ik veel meer te maken met de plantaardige sector, een sector die sterk groeit en die we kansen willen bieden om verder te kunnen ontwikkelen. Naast kleinschaligheid is er ook sprake van grootschaligheid, waarbij we moeten kijken naar de maatschappelijke inpassing van bedrijven en onderwerpen als verkeersveiligheid. Recent is een nieuwe Ruimtelijke Strategische Visie voor de regio Rivierenland verschenen die ter beoordeling ligt bij de daartoe behorende gemeenten.’

 

‘In de gemeente Neder-Betuwe zie je een verschuiving optreden van steeds minder fruitteelt naar meer laanboomteelt, terwijl je in gemeenten Buren en West Betuwe juist een uitbreiding ziet van het fruitareaal. We vinden dat we onze eigen tuinbouwproducten moeten koesteren. Zowel voor binnenlandse consumptie als voor de export. Wat betreft export zien we vooral dat de Nederlandse peren zeer gewild zijn. Die kunnen ook alleen maar hier en in België groeien door het unieke klimaat en de bodemsoort. Appels zijn veel gemakkelijker in verschillende landen te telen. We zien een sterke toename van de vraag naar zachtfruit, maar ook naar steenfruit zoals kersen. Daarnaast komen er door de klimaatwijziging andere teelten, zoals druiven voor de wijnbouw.’

 

‘De kracht van de Nederlandse tuinbouwsector zit ‘m volgens mij in de combinatie van overheid, onderwijs en onderzoek dichtbij de producent, vaak aangeduid met de term triple helix-model. Daarbij spelen Wageningen University and Research en Proeftuin Randwijk een belangrijke rol. Ook de overheid benadrukt dat de sector zich verder door moet ontwikkelen. Dat gaat eveneens op voor de glastuinbouw in de Bommelerwaard. Steeds meer teelten worden naar binnen verplaatst. Buiten wordt steeds vaker gebruik gemaakt van teeltondersteunende activiteiten zoals  hagelkappen. Veel mensen vinden die kassen en kappen niet mooi, daarom vinden we het van belang om die teelt landschappelijk in te passen. De regio Rivierenland ontwikkelt zich geleidelijk aan tot dé Fruitdelta van Europa. Dat de plantaardige teelten steeds meer de overhand nemen, geeft ruimte om verder door te ontwikkelen.

 

‘De groene sector in het gebied heeft de wind behoorlijk mee, al zijn er op het gebied van gewasbescherming nog verbeteringen mogelijk. Bij de ontwikkeling van nieuwe fruitrassen wordt al rekening gehouden met meer ziekteresistentie. Fruitpact ondersteunt allerlei projecten en onderzoeken op het gebied van fruitteelt. Ik durf te stellen dat we de beste en meest gecontroleerde teelt van Europa hebben.’

 

‘Een thema dat op dit moment speelt is de arbeidsmarkt. De vraag is of we op den duur voldoende mensen hebben die in de fruitteelt willen en kunnen werken. Daarom willen we jongeren motiveren om ook na te denken over het volgen van agrarische opleidingen. We zien dat de liefde voor het ambachtelijke aspect van de tuinbouw en werken in de natuur steeds populairder wordt. De ROC’s en andere opleidingen springen daar dan ook op in.’

 

‘Ik meen dat lang niet alle arbeid in de tuinbouw door robots te vervangen is, al zie je wel meer automatisering optreden bij de detectie van ziektes van gewassen, de vochttoediening door middel van druppel-irrigatie waardoor minder water verdampt en het inspelen op weersomstandigheden. De precisietuinbouw gaat een steeds grotere rol spelen. We werken duurzamer met minder CO2-uitstoot binnen die tuinbouw en vergroenen steden. De jonge generatie gaat daar mee verder.


‘De tuinbouwondernemers zelf wisselen kennis uit, waardoor de gehele sector verbetert. Als bestuurders hebben we goede contacten met de provincie en het ministerie van Landbouw, Natuur en Voedselkwaliteit. De ondernemers zelf zijn vooral sterk betrokken bij de producten die ze leveren,  maar realiseren zich ook dat er maatschappelijk draagvlak nodig is voor hun producten. Hoe behouden we bijvoorbeeld verkeersveiligheid met steeds grotere verkeersstromen door tuinbouwproductie? Bij de oplossingen daarvoor moeten we samenwerken met de provincie. Met de Greenport-agenda Future with a bite, geformuleerd voor de periode 2017 tot 2020, draagt de sector bij aan een steeds meer duurzame vorm van tuinbouw. Het is voor de tuinbouw in Rivierenland van belang dat dit ook voor de periode 2020 – 2023 met de Greenport-agenda Duurzaam Doen wordt doorgezet. Ik zal mij daar samen met de voorzitter van Greenport Gelderland en de voorzitter van NextGarden in Arnhem-Nijmegen bestuurlijk hard voor gaan maken.’


Heeft u ideeën of suggesties op het gebied van agribusiness, dan kunt u contact opnemen met Speerpuntvoorzitter Agribusiness van de Regio Rivierenland Jan Kottelenberg: jkottelenberg@nederbetuwe.nl

 

 

 

 

 

 

                                                                            



 
 
BLIJF OP DE HOOGTE VIA