« afbeelding 1 van 1 »
 
maandag 02 maart 2020

Ontwikkelingen rond nieuwe kersenrassen

Johan Sonneveld, als onderzoeker verbonden aan de Proeftuin Randwijk, houdt zich bezig met nieuwe kersenrassen, zowel vroege kersen als kersenrassen uit het middenkersenseizoen en late kersenrassen. ‘Bij sommige jonge, nieuwe kersenbomen lijken de kersen vaak fantastisch, maar vallen ze in de praktijk toch tegen. Meerjarige ervaringen zijn daarom van belang.’

Sonneveld: ‘De laatste jaren hebben kersentelers veel nieuwe kersenrassen geplant, maar ook vaak weer gerooid. Zo is de Samba geen lekkere kers, de Korvik heeft een matige kwaliteit en is te zacht, bij de Penny nemen we slechte kersen waar en de Fertard heeft geen productie.’
‘Er zijn verschillende eisen die we aan nieuwe kersenrassen stellen. Zo moet de productiviteit voldoende en stabiel zijn, er moet voldoende groeikracht zijn en de boomgezondheid moet goed zijn. Zo verkaalt de Kordia bijvoorbeeld snel. Ook de vruchtkwaliteit en hardheid moeten goed zijn; de consument wil graag een stevige kers voor de beleving. De vruchtmaat is van belang in verband met de arbeid én de smaak moet natuurlijk goed zijn. De vraag is ook hoeveel rassen we in het assortiment willen hebben. Het aanbod neemt steeds maar toe, wat voor de afzet soms een probleem kan zijn. Een beperkte hoeveelheid rassen waarmee een groot deel van het seizoen gevuld kan worden zien we als ideaal.’
‘We zijn met name op zoek naar vroege rassen die voor of tijdens de Burlat en Merchant vallen en kwalitatief beter zijn. Daarnaast zijn rassen die na de Regina komen interessant om het seizoen te verlengen. Nieuwe vroege rassen zijn de Prim 2.1, de Prim 2.3 en de Sweet Aryana met een pluktijd enkele dagen na de Burlat en de Prim 3.1 met een pluktijd rond de Merchant. De Sweet Aryana heeft een goede smaak en hardheid en is erg productief, waardoor het van belang is om de boom vitaal te houden. De Prim 2.1 en 2.3 scoren duidelijk beter op hardheid. Om vast te stellen hoe de smaak is in samenhang met de vruchtdracht is nog meer ervaring nodig.’

‘Wat betreft de middenrassen krijg je de Kordia voorlopig niet weggeconcureerd. Het is een van de beste kersenrassen wat betreft veel eigenschappen. De geïntroduceerde rassen voor deze plukperiode zijn de Folver, de Sweet Lorenz/Gabriel en de Areko, die net iets voor de Kordia geplukt kan worden. Met de Areko, een erg grove en iets puntige kers, hebben we de meest positieve ervaringen. Het kersenras is veel productiestabieler dan de Kordia en het hout verkaalt ook minder. Bij de late rassen is de Henriette een mooie bestuiver voor de Regina.’
De zogeheten ‘Finalserie’ bestaat uit nieuwe rassen die na de Regina komen. De Final 10.4 kan een week na de Regina geplukt worden, de 11.3 en 12.1 zijn ongeveer twee weken na de Regina rijp. De laatste, de Final 13.1, is extreem productief, maar heeft een fijnere vruchtmaat en is roder van kleur. Alle Finalrassen bleken zeer productief te zijn, vergelijkbaar met de Lapins. Het zijn makkelijke groeiers met slanke takken, waardoor het hout wel weer gemakkelijker gaat hangen.’ 

‘Concluderend kunnen we zeggen dat van de vroege rassen de hardheid beter is dan die van de Burlat, maar we hebben er nog te weinig praktijkervaringen mee opgedaan. Wat betreft de middenrassen is er veel keuze in de periode net voor de Kordia. De Areko springt er duidelijk uit, mede door de productiestabiliteit en grove vruchten. Wat betreft de latere rassen is er een duidelijke verbetering waar te nemen met eerder geïntroduceerde rassen zoals de Penny en Fertard. Maar ook hierbij geldt vooral dat er meer tijd én praktijkervaring nodig is om een goed beeld te kunnen vormen van de nieuwe kersenrassen.’



 
 
BLIJF OP DE HOOGTE VIA